Polen

Coördinatie: Jan Benoist
E-mail:  polen@westbrabantsevwg.nl

De West Brabantse Vogelwerkgroep ging in het voorjaar van 1998 op excursie in het Noordoosten van Polen.
De excursie werd geleid door de voorzitter van de PTOP (Noord Poolse bond voor Vogelbescherming) Przemek Bielicki. Hij was het die de leden van de Vogelwerkgroep enthousiast maakte voor de projecten van de PTOP.  Zo wilde men de Bovenloop van de Narew tot Landschapspark laten verklaren.  Op strategische punten zelf een aantal reservaten stichten. De Poolse rode koe en het Poolse paard weer introduceren en dit alles in nauw overleg met de plaatselijke bevolking. Voor het gebied is het een kans op economische vooruitgang door extensieve vormen van toerisme en recreatie.
 
Het is nu twee voor  twaalf. De mooie gebieden zijn er nog volop; alleen dienen ze te worden beschermd voor ze ten prooi vallen aan EEG projectontwikkelaars en mogelijke economische ontwikkelingen mede door toetreding tot de EU van Polen in 2004. De gebieden zijn nu nog relatief goedkoop te verwerven.
   
De PTOP  is in 1985 opgericht, toen nog onder het communistische bewind. De oprichting ging niet van een leien dakje, daar de doelstelling van de PTOP natuurlijk in die tijd door het communistische bewind werd gewantrouwd. Wat gaan ze werkelijk doen dacht de regering!
 
Uiteindelijk is het toch allemaal gelukt en de PTOP is daarmee de oudste private vogel- en natuurbeschermingsorganisatie van Polen.
De PTOP is een kleine doch zeer professionele organisatie met een groot scala aan activiteiten. Sinds 1995 heeft de PTOP een directeur, genaamd Roman Kalski en een administratieve en financiële medewerkster Ewa Lazowska. Zij hebben een kantoor in Bialystok. Van hier uit worden alle zaken gecoördineerd.
De salarissen worden betaald door een percentage van de ontvangen subsidies van ECOFOUND te bestemmen voor dit doel. ECOFOUND is een Poolse instelling die overheidssubsidies voor natuurontwikkelingsprojecten verdeeld.
 
Al een aantal jaren beschikte de West Brabantse Vogelwerkgroep over een pot  "Bijzondere Projecten". Dat budget was ontstaan door deelname aan rommelmarkten, persoonlijke inzet van de leden en de verkoop van inventarisatiegegevens uit het zelf opgezette bestand dat destijds al ruim 30.000 waarnemingen bevatte. Het bedrag moest rechtstreeks te goede komen aan de vogels.
 
Het geld uit deze pot, destijds ruim 10.000 gulden, is geschonken aan de PTOP. Maar niet zo maar. Met het geld heeft de PTOP een natuurgebied kunnen kopen bij Ancuty aan de Narew.
 
Vanaf 1999 trekken enkele leden van de werkgroep elke twee jaar naar onze vrienden in het Noord Oosten van Polen om de vriendschapsbanden in stand te houden.
 
Sinds 1994 heeft de samenwerking geleid tot een samenwerkingsovereenkomst tussen de PTOP en de West Brabantse Vogelwerkgroep.
 

Letter of intention on the partnership co-operation
between
The North Podlasie Society for Birds Protection
located in Białowieża (Poland)
and
West Brabantse Vogelwerkgroep
located in Breda (the Netherlands)


 

Regelmatig brengen leden van de werkgroep bezoeken aan het Noord Oosten van Polen en aan onze vrienden van de PTOP.

Hieronder een verslag:

 

Naar Oost Polen met gidsen van de PTOP.
In 2015 zou ik met een groepje oud KJN’ers naar Oost Polen gaan. Nou het eerste wat je dan te binnen schiet is een bezoek aan het Oerwoud daar. Nabij Białowieża ligt een bosgebied wat al eeuwen het jachtterrein was van de Tsaren die Rusland vroeger regeerden. Nu dat klinkt alleen al veel belovend, maar wat simpel klinkt is vaak niet zo eenvoudig. Nu ben ik er al vaker geweest en de eerste keer is al gauw weer 40 jaar geleden. Ik herinner me die eerste keer nog want we konden het bos bezoeken doordat een eigenwijze bioloog een brief had gestuurd aan het Museum aldaar en zo kontact had gekregen met de toenmalige directeur die ons rond zou leiden. Het is ook de langste en indrukwekkendste excursie ooit geweest. Het leuke is dat de bomen, die toen al om waren gevallen en er al jaren op de grond lagen te rotten, er nu nog liggen. Maar dat waren dan ook geen gewone bomen dat waren woudreuzen, zoals je die daar alleen nog kunt vinden.

 

Wat doe je nu als je naar Oost Polen gaat en je wil de beste vogel plekken vinden? Dat is voor leden van de West-Brabantse vogelwerkgroep bijna kinderlijk eenvoudig. Neem kontact op met de PTOP (Noord Poolse bond voor Vogelbescherming) en vraag om een gids die tijd voor je heeft. Ik was er al eens geweest met Jan Benoist en heb toen kennis gemaakt met deze organisatie, waarmee we al jaren samenwerken. Daarom kende ik ook hun toenmalige voorzitter. In het begin van 2015 heb ik contact opgenomen met Przemek Bielicky. Ik heb hem gevraagd of hij onze gids kon zijn als we met de groep in Oost Polen zouden zijn. Ja dat kon en per e-mail hebben we de afspraken gemaakt en welaan op de afgesproken datum 11 mei was hij ’s avonds bij ons onderkomen het Unikat Hotel in Białowieża. We bespreken dan preciezer wat we de rest van de week zullen doen.

 

Samen zijn we met hem op verschillende plekken geweest: De eerste verrassing is na enig zoekwerk in alle vroegte de Dwerguil. Het is een vogelsoort die toeneemt in de bossen rond Białowieża. Daarna na het ontbijt in Unikat gaan we om half tien naar het westelijke bos bij de Narew tegen de Wit-russische grens aan. (Wysokh Bagno). Het is een moerasbos met veel oude elzen en zeggensoorten. Hier worden we getrakteerd op Withalsvliegenvanger, de Bonte vliegenvanger en de Fluiter is overal te horen, maar ook de Wielewaal die we bij de Narew mooi te zien krijgen. Na het diner gaan we naar een plek die voorlopig geheim moet worden gehouden. Daar zien we de Poelsnip en ontmoeten we de projectleider van het onderzoek naar de gedragingen van de Poelsnip. Het vogeltje blijkt non stop naar zijn overwinteringsgebied te vliegen: zo snel dat het in een dag 4000 km maakt. Het teruglopende aantal Poelsnippen heeft ervoor gezorgd dat er nu speciale aandacht is voor deze soort. Je moet echt stil zijn om ze te horen met hun balts, waarbij de heren een sprongetje van geluk maken voor de vrouwtjes. Er zijn in Polen nog maar een paar gebieden waar ze zitten en die nu worden platgelopen door de vogelfotografen, zoals dat gebeurt bij de plek waar we zeven jaar geleden waren. Waarvan de grond is aangekocht met financiële steun van de West Brabantse VWG.

 

Na het ontbijt op 14 mei 2015 gaan we op pad met twee andere gidsen van de PTOP. Dat zijn Jarek en Gabriëlla Kułakowska, zij doet de buitenlandse projecten bij de PTOP. Ze gaan met ons mee naar de Kosy Most ten noorden van het Nationaal park. Er is een kanjer van een uitkijktoren gebouwd, hoewel Gabriëlla bij de bouw betrokken was, had ze de toren, die bijna boven de boomtoppen uitsteekt, nog niet gezien. We gaan daarna naar de zuidpunt van de Zbiornik Siemianowka, oftewel het stuwmeer van Siemianowka. Vanwege de regen staan we grotendeels op de uitkijktoren daar. Maar we kunnen een flink eind over het enorme meer kijken. We zien hier: Watersnip, Grote Zilverreiger, Kwartelkoning, Kievit, Kokmeeuw, Grauwe Gans, Blauwe Reiger, Meerkoet, Wilde Zwaan, Visdief, Zeearend, Fuut en Bruine Kiekendief, kortom de moerasvogels. Inmiddels regent het pijpenstelen en dat is nodig ook. Gabriëlla brengt ons dan naar een dagmijngebied waar veen wordt afgegraven. Het ligt bij het dorpje Kuchmy-Pietruky en Kowalowy Grod. Ten noorden van het hierboven genoemde stuwmeer. We zien daar de Witwangstern, Witvleugelstern, Tureluur, Krakeend, Kuifeend, Kokmeeuw, Blauwe Reiger, Zwarte Stern en Visdief en een Kleine plevier probeert langs de weg een plekje te vinden voor zijn eitjes. Dan nemen we afscheid van Gabriëlla en Jarek en danken hun voor de vele leuke plekken die we vandaag konden bekijken. De zondag daarop zal Gabriëlla op een info markt staan. Gert Jan Hallink heeft haar daar nog gesproken en wat info meegenomen. Bij zo’n markt aanwezig zijn als vogelbeschermer behoort tot de doelstellingen van de PTOP en is ook een van de taken Gabriëlle. Zij doet bij de PTOP ook de buitenlandse projecten en spreekt daarom ook uitstekend Engels.

 

Op 15 mei is het weer vroeg op want Szawomir Przygodzky van Nature-Tour in Białowieża doet een guided tour in het Engels voor ons. Hij is een gids die door Przemek is verzocht onze excursie door het oerwoud te leiden. We zullen snel merken dat hij goed op de hoogte is. Hij vertelt over de geschiedenis van het dorp en het bos, maar ook van de bomen en bossen. Hij is leraar op de middelbare tuinbouwschool in het dorp en weet dus veel van bosbouw. Hij leidt ons door het oerwoud en ook over wilde (minder drukke) paadjes, langs diverse bomenlijken. Hij kent zelfs de Nederlandse namen van vogels, planten en van een enkele kever: de letterzetter die dood en verderf zaait in het bos. In het bos treffen we de drie vliegenvangers aan: de Withals, de Grauwe en de Kleine Vliegenvanger. Verder veel Fluiters en Vinken en helaas maar een enkele Specht. Daar zijn we al te laat voor in het jaar. Om 11 uur staan we weer buiten het oerbos, waar we in de open vlakte een baltsende Schreeuwarend zien vliegen.

 

Ons gezoek naar goede gidsen is prima gelukt en we zijn blij met de aanwezigheid van hun op onze tocht in het oosten van Polen. Zonder hun was het nooit gelukt om alle landschappen goed te kunnen bekijken en de vogels te zien die we nu wel gezien hebben, een Poelsnip zouden we nooit gevonden hebben en dus ook niet gezien. Onze dank gaat verder dan het luttele bedrag dat we betalen voor hun werk. Ik was blij dat we zo met de PTOP kunnen samenwerken en kennis kunnen nemen van hun werk.

 

(Laatste wijzigingen 10 maart 2017)

^ Naar boven